Logo ZAT

Interview met...

CandyDulfer "Gezondheid van jonge drinkers is belangrijker dan het innen van accijns..."

Lees meer...

CandyDulfer "De Nederlandse automobilist is in het algemeen niet..."

Lees meer...

Wimvandalenkl "Niet voor niets zijn er relatief gezien meer jongeren..."

Lees meer...

 BorisvanderHamkl "We zijn de zuipschuiten van Europa. Andere landen... ".

Lees meer...

JortKelder "Het zal politiek correct en arrogant gevonden worden..."

Lees meer...
INTERVIEW MET WIM VAN DALEN Afdrukken E-mail
In deze rubriek worden regelmatig interessante personen of bekende Nederlanders geïnterviewd die het spectrum alcohol en alcomobilisme verkennen, beleven, ontwikkelen en beïnvloeden.
 
In maart 2002 werd Ir. Wim van Dalen directeur van de Stichting Alcoholpreventie (STAP). Wim van Dalen (57) is een bekende naam in de alcoholpreventie. Sinds 1996 was hij werkzaam bij het Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie (NIGZ) als leider van de overheidscampagnes 'DRANK maakt meer kapot dan je lief is' en 'Ben jij sterker dan drank?'. Van Dalen heeft de afgelopen jaren de landelijke overheid krachtig ondersteund bij de totstandkoming van een nieuw alcoholbeleid in Nederland. De Stichting Alcoholpreventie is een organisatie die op professionele wijze pleitbezorger is van een alcoholmatigingsbeleid. Een belangrijk doel van STAP is het terugdringen van alcoholreclame. STAP bekritiseert het huidige beleid van zelfregulering. Alcohol en jongeren zijn op dit moment middelpunt van discussie. Overmatig alcoholgebruik en op alle fronten gemakkelijk verkrijgen van alcohol, dreigt de nieuwe generatie jongeren te ontwrichten en spoorloos te maken. Hoe Wim van Dalen omgaat met één van de belangrijkste sociaal maatschappelijke problemen van dit moment, leest u in het onderstaande interview.

U gaat al jaren ten strijde om wet en regelgeving ten aanzien van drankgebruik onder jongeren aan te scherpen. Wat is er sinds uw komst bij STAP in Nederland verbeterd?
Sinds mijn komst is er meer concrete aandacht op zowel politiek als maatschappelijk vlak voor alcohol en jongeren gekomen. Ook de drankindustrie confronteren wij intensief over de gevolgen van alcoholconsumptie op jonge leeftijd. De leeftijd om onder de 16 jaar géén drank te verstrekken is nu norm en regelgeving geworden. Er zijn meer voorwaarden geschept voor een verantwoorde distributie van alcohol. Hierbij wordt nu het alcoholbeleid van de overheid via zelfregulering ondersteund. Echter de bescherming voor jongeren laat op dit moment te wensen over, gezien de maatschappelijke onrust. Wij weten allemaal dat de breezers in kwantitatieve zin scoren, omdat ze lekker zoet worden gemaakt, drank overal op straat kan worden gekocht tegen relatieve lage prijzen en dat de alcoholnorm in de thuissituatie is vervaagd. Jongeren tussen de 10 en 15 jaar wordt in de thuissituatie al geleerd om tijdens een verjaardag of feestdag een biertje of wijntje te proeven. De experimenterende fase om grenzen door alcoholconsumptie te vervagen, krijgt hiermee op jonge leeftijd zijn beslag.

Waarom is het bijna een schier onmogelijke opgave om jongeren onder de zestien via voorlichtingscampagnes te beïnvloeden, om het buitensporig drinkgedrag af te bouwen?

De jongeren zijn over het algemeen ongevoelig voor voorlichtingscampagne’s. De directe omgeving heeft veel meer invloed. Vrienden en familie bijvoorbeeld. De omgeving waarin de jongeren verkeren, veranderd voortdurend, waardoor het moeilijk is om jongeren door voorlichtingsactiviteiten één op één te bereiken. De vluchtigheid waarmee voorlichtingsactiviteiten worden gegeven brengt onvoldoende impact en selectiviteit met zich mee. Daarnaast is het te vrijblijvend. Het valt of staat grotendeels met de opvoeding, waarin het gedrag van de jongeren ter discussie wordt gesteld. De ouders hebben in dat proces een cruciale rol. Iedereen, inclusief de landelijke politiek, ziet dat eindelijk in.

Hoe verklaart u dat jongeren op steeds vroegere leeftijd met alcohol gaan experimenteren én de ouders blijkbaar op de zijlijn staan toe te kijken en machteloos zijn om in te grijpen?

Nou, laten wij allereerst concluderen, dat wij in een tijd leven van werkende ouders, die vinden dat de zelfstandigheid van hun kinderen belangrijk is. Daarnaast worden de kinderen door tijdgebrek regelmatig aan hun lot over gelaten of daarentegen ter compensatie extra verwend. Discipline en zelfbeheersing van opgroeiende kinderen reduceert hierdoor zienderogen. De corrigerende rol van de ouders komt dan meestal te laat, doordat de kinderen zich hebben afgezet en zijn afgegleden naar bepaalde gedragsuitingen. Ook de alcoholreclame speelt dag en nacht in op de sentimenten van de jeugd. Alcohol drinken is cool, sexy en vooral heel lekker. Een slot voor alcoholreclame op tv en radio na een bepaalt tijdsstip, kan de beeldvorming al voor een evident gedeelte doorbreken.

Als de rol van de ouders of school ontoereikend is, moet de overheid dan stevig ingrijpen om het buitensporige drinkgedrag aan te banden te leggen?
Ja, én dat ingrijpen van de overheid had al jaren eerder gekund. Minder alcoholreclame en meer accijns op de populaire premix dranken. Hoogervorst herriep een aantal jaren geleden de maatregel om alcoholreclame te beperken, toen hij uit de vele reacties op zijn voorstel begreep dat er onvoldoende draagvlak voor zo'n maatregel zou zijn in de Tweede Kamer. De circa 2 miljoen Euro, die onder Hans Hoogervorst gauw nog even in de nadagen van zijn ministerschap werd vrijgemaakt om een campagne te starten, om ouders te attenderen op de gevaren van alcohol is natuurlijk een zwaktebod en camoufleert niet, dát hij veel meer had moeten doen om het alcoholgebruik onder jongeren terug te dringen. Gelukkig stelt Minister Ter Horst van Binnenlandse Zaken nu wel meteen een aantal omvangrijke maatregelen voor om alcoholgebruik onder jongeren terug te dringen. Naast schade voor de gezondheid hangt alcoholgebruik samen met meer overlast, geweld en criminaliteit, die zij wil aanpakken. Ze wil één eenduidige leeftijdsgrens van 18 jaar, meer bevoegdheden voor gemeenten om deze grens te handhaven en blaastesten buiten het verkeer. Ook voelt zij ervoor om de verkoop van alcoholhoudende drank te verplaatsen van de supermarkt naar de slijter. Ik vind de maatregelen passen in een breed alcoholbeleid dat niet alleen overlast zal verminderen maar ook bijdraagt aan een betere gezondheid en welzijn van de jongeren.

In het Dagblad v/h Noorden stond onlangs een onderzoek naar het verkrijgen van alcohol door de jeugd onder de 16 jaar. In alle supermarkten in Drenthe en Groningen kon de jeugd ongestoord de drank betalen en mee naar buiten nemen. Wat gaat er systematisch fout en wat er gebeuren om dit soort overtredingen in de toekomst te voorkomen?
Het valt of staat met een heldere regelgeving en waterdichte controle’s, die aan duidelijkheid niets te wensen overlaten. Zo lang de bedrijfsleiding van een supermarkt het personeel niet adequaat instrueert en begeleid, dan blijven de jongeren onder de 16 jaar, die alcohol vanuit de supermarkt betrekken, vrij spel houden. Legitimatie is onder de 16 jaar verplicht. Een kleine moeite om dit steevast bij de kassa's te controleren. De bedrijfsleider moet dat nauwgezet handhaven en personeel die nalatig is, direct ontslag geven. Want het is een strafbaar feit! Om dit soort overtredingen te voorkomen, moet vanuit de overheid intensiever worden gecontroleerd. De ideale praktijksituatie is echter, dat alcohol zo snel mogelijk alléén bij de slijterij verkrijgbaar moet zijn, dan hebben wij al een groot probleem van tafel geveegd. De supermarkten komen ook wél zonder alcohol aan hun omzet!

Moeten wij vrezen dat over 3 of 4 jaar de Nederlandse wegen onveilig worden gemaakt met jonge automobilisten, die gewend zijn om 10 tot 25 pilsjes op een avond naar binnen te werken?

Dat is maar de vraag. In Nederland mag dan de drinkcultuur uit de hand zijn gelopen, dat geldt (nog) niet voor het rijden onder invloed. Gelukkig houden veel mensen en ook jongeren, zich aan de nulnorm in het verkeer. Toch blijft het risico altijd op de loer liggen dat jongeren die vaak en gemakkelijk drinken ook achter het stuur kruipen. Niet voor niets zijn er relatief gezien meer jongeren die slachtoffer worden van alcoholongelukken dan ouderen.

Hoe groot blijft de invloed van de alcohollobby (lees bierproducenten) om het goede werk van u te verstoren?
De alcoholproducenten hebben als enige doel het vergroten van hun omzet. Daarnaast zijn ze natuurlijk altijd behoedzaam wat hun imago betreft. En daarom blijven ze gevoelig voor de maatschappelijke kant van het alcoholgebruik m.a.w. ze zijn daarop aanspreekbaar. Hun visie is echter dat je alleen met voorlichting en bewustwording problemen voorkomt terwijl uit onderzoek bekend is dat je het daarmee bij lange na niet redt. Je zult als overheid ook de veel te gemakkelijke beschikbaarheid (vooral bier is veel te goedkoop afgezet tegen de risico's van dat product, er zijn te veel verkooppunten en er wordt te veel reclame voor gemaakt) van alcohol moeten aanpakken als om het overmatige alcoholgebruik in te dammen. En als wij dat standpunt naar voren brengen vinden we de industrie altijd op onze weg. M.a.w. die visie van ons zullen ze altijd tegenspreken en vanwege het feit dat er met de productie en verkoop van alcohol veel belangen zijn gemoeid kennen zij veel medestanders.

Is het letterlijk vechten tegen de bierkaai?
Nee, er wordt wel degelijk, zij het geleidelijk, winst geboekt. Vooral gemeenten beginnen te beseffen dat de grens is bereikt. Zij komen immers de problemen dagelijks tegen. Over 10 jaar verwacht ik dat de alcoholreclame is verboden, dat de supermarkten geen alcohol meer verkopen en dat jongeren onder de 16 jaar veel minder zullen drinken. Vooral ouders zullen wijzer zijn geworden. Maar problemen met drank zullen er altijd blijven.

Wie wint er uiteindelijk en wanneer is uw missie volbracht?

Zoals gezegd: alcoholproblemen zullen er altijd blijven. De aandacht voor dit probleem kan helaas niet verslappen. Aan mijn missie komt dus geen eind!
 

Enquete

Rijden onder invloed